Collectief ontslag: onderbouw het goed
Een glashandel verzoekt de kantonrechter om de
arbeidsovereenkomsten van tien werknemers te ontbinden wegens
bedrijfseconomische redenen. Het verzoek wordt afgewezen. Een
zusteronderneming slaagt er wél in toestemming te krijgen voor
ontslag van zes werknemers. Vanwaar dit verschil?
Uit overgelegde cijfers van de glashandel blijkt dat over 2009 verlies wordt geleden, maar dat er in 2008 goede resultaten zijn geboekt. Het geschetste financiële beeld wordt bovendien vertroebeld doordat er in 2009 een dure snijmachine is aangeschaft.
Uit overgelegde cijfers van de glashandel blijkt dat over 2009 verlies wordt geleden, maar dat er in 2008 goede resultaten zijn geboekt. Het geschetste financiële beeld wordt bovendien vertroebeld doordat er in 2009 een dure snijmachine is aangeschaft.
Ontbreken van stukken
De werkgever heeft geen deugdelijk overzicht overlegd van de
omzet, kostenposten en resultaten per maand over de laatste drie
jaren en heeft evenmin een plan van aanpak gemaakt waarin hij
aangeeft wat de gevolgen van de omzetdaling zijn en op welke wijze
hij die het hoofd wil bieden. Ook ontbreekt overleg met en advies
van een OR of een personeelsvertegenwoordiging.
Voorts is er geen deugdelijke onderbouwing van de prognoses voor
2010 en 2011, die ook moeilijk te maken is aangezien orders op het
laatste moment binnenkomen. Op het moment van de procedure is zelfs
sprake van een plotselinge en onverwachte piek in het werkaanbod.
De rechter wijst de verzoeken wegens gebrekkige onderbouwing
af.
Voldoende inzicht
Een zusteronderneming - een producent van scheepsramen - dient
ook een verzoek in voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst met
zes werknemers. De ingebrachte financiële gegevens bieden volgens
de kantonrechter voldoende inzicht in de financiële positie. De
werkgever heeft daarnaast overleg gehad met de vakbonden. Hij heeft
geen sociaal plan aangeboden omdat de financiële omstandigheden dit
onmogelijk maakten.
Met het beroep op het ‘habe nichts’-verweer houdt de rechter gedeeltelijk rekening. De rechter neemt aan dat de moedermaatschappij geld voor een beëindigingsvergoeding beschikbaar kan stellen. Hij wijst de verzoeken toe en wijst aan de werknemers een vergoeding toe die door de werkgever in maandelijkse termijnen voldaan moet worden.
Kantonrechter Leeuwarden, 30 november 2009, LJN: BK4843 en BK 4845
Tip: De kantonrechter zal in geval van collectief ontslag net als het UWV WERKbedrijf overtuigd willen worden door deugdelijke cijfers, een plan van aanpak, een eventueel sociaal plan gesloten met de OR of de vakbonden, of stukken waaruit blijkt dat overleg en advies heeft plaatsgevonden.
Met het beroep op het ‘habe nichts’-verweer houdt de rechter gedeeltelijk rekening. De rechter neemt aan dat de moedermaatschappij geld voor een beëindigingsvergoeding beschikbaar kan stellen. Hij wijst de verzoeken toe en wijst aan de werknemers een vergoeding toe die door de werkgever in maandelijkse termijnen voldaan moet worden.
Kantonrechter Leeuwarden, 30 november 2009, LJN: BK4843 en BK 4845
Tip: De kantonrechter zal in geval van collectief ontslag net als het UWV WERKbedrijf overtuigd willen worden door deugdelijke cijfers, een plan van aanpak, een eventueel sociaal plan gesloten met de OR of de vakbonden, of stukken waaruit blijkt dat overleg en advies heeft plaatsgevonden.
Bron: HRpraktijk.nl

