Stort niet domweg op G-rekening
Een betaling op de G-rekening van een failliete ondernemer valt in de failliete boedel en heeft daarom geen vrijwarend effect meer. Tot dit oordeel kwam onlangs Rechtbank Breda in een vrij feitelijke procedure.
In deze procedure heeft, ondanks het faillissement, de inlenende ondernemer betalingen gedaan op de G-rekening van het failliete uitzendbureau.
BTW
Als een onderneming voor de bedrijfsvoering werknemers van een
derde betrekt is of sprake van aanneming van werk of van inlening
van arbeid. Draagt die derde over de voor de ondernemer verrichte
werkzaamheden niet de verschuldigde loonheffingen en BTW af, dan
kan de ondernemer daarvoor aansprakelijk worden gesteld. Een
ondernemer kan de aansprakelijkheid voor de met de inlening
gemoeide loonheffingen en BTW beperken door te betalen op de
G-rekening van de onderaannemer of uitlener. Een G-rekening is een
geblokkeerde rekening ten name van de onderaannemer/uitlener voor
de voldoening van loonheffingen en BTW, waarbij een eerste
pandrecht op de G-rekening is verleend aan de ontvanger van de
Belastingdienst.
Bijzonder karakter
Het pandrecht vervalt echter als de onderaannemer of de uitlener failliet gaat. Door het vervallen van het pandrecht, draagt de G-rekening niet meer het bijzondere karakter, waardoor betalingen op die rekening als vrijwarende betalingen jegens de ontvanger kwalificeren (Rechtbank Breda, 23-10-2009, nr. 09/2207).
Bron: Redactie HRpraktijk.nl

