Nieuws21.06.2019

Proactieve handelsagenda: meer 'Made in Holland'

De Tweede Kamer debatteerde afgelopen maandag over een aanvullende nota voor een proactieve handelsagenda. De handelsagenda bevat voorstellen voor een strategische publiek-private aanpak om de exportpositie van Nederland te versterken. Enkele voorbeelden zijn een ambassadeur voor handelsbevordering, een overheid die vaker optreedt als 'launching customer' en het inzichtelijker maken van (exportkrediet)financiering. Tweede Kamerleden Wybren van Haga en Martin Wörsdörfer (VVD) lichten de plannen verder toe.

Wybren_.jpgWybren van Haga: "We moeten continu inzetten op de verbetering van ons buitenlandse handelsbeleid. Onze aanvullende voorstellen dragen daar allemaal aan bij. Waar de Handelsagenda van minister Kaag wat mij betreft eerst wat terughoudend was, zie ik nu gelukkig dat er steeds meer mooie dingen worden opgepakt." Een goede stap in de richting om de Nederlandse export te bevorderen, maar wat extra input kan geen kwaad. Zo pleit hij nadrukkelijk voor meer inzet op de toegevoegde waarde van Nederlandse producten. "We moeten meer 'Made in Holland' verkopen. Nederland levert innovatie en kwaliteit en dat mogen we best wat meer verkopen over de grens." Martin Wörsdörfer ziet veel kansen in het inzichtelijker maken van het handelsinstrumentarium: "Maak het inzichtelijk en eerlijk, ook voor kleine ondernemers. Dat gaat bijdragen aan meer welvaart."

Nederland levert innovatie en kwaliteit en dat mogen we best wat meer verkopen over de grens.

staand_Martin Wörsdörfer.jpgOverheid als eerste klant

Een van de punten uit de nota is ook dat de overheid meer als 'launching customer' moet optreden. Voor Wörsdörfer niet meer dan logisch: "Laten we er voor zorgen dat alle nieuwe innovatieve bedrijven in Nederland groot kunnen worden. Als we toch investeren in Nederland, waarom dan niet in Nederlandse bedrijven? En ik zie het breder. Kleine projecten vallen ook onder die scope." Van Haga vult aan: "Het is heel simpel. Neem de wapenexport. Je hebt geen tweede klant als je eerste klant niet je eigen overheid is. In andere EU-landen krijgen bedrijven wel ondersteuning van hun regering. Als wij niet hetzelfde doen voor de bedrijven in ons land, heb je een ongelijk speelveld en heeft het Nederlandse bedrijfsleven daar nadeel van."

Datzelfde ongelijke speelveld doemt ook op als de handhaving van wet- en regelgeving verschillend wordt toegepast. Van Haga: "Nog een belangrijk punt ja. Harmonisering. Zelfs binnen Europa heb je grote verschillen over hoe streng de regels gehanteerd worden." Martin pleit in het verlengde hiervan voor een striktere handhaving: "We moeten binnen Europa beter handhaven! Staatssecretaris Mona Keijzer ziet dat gelukkig ook. Als er onveilige producten wel via een andere haven binnenkomen, heb je een probleem." Wybren: "Vergeet hierbij ook niet dat er veel via webshops loopt." Reden te meer om de oplossing in Europees verband te zoeken.

Een loket voor alle ondernemers

Alle voorstellen zijn nadrukkelijk bedoeld voor alle ondernemers in Nederland, van grote holdings tot ondernemers uit de middelgrote en kleine industrie (mki). Wörsdörfer: "Natuurlijk zijn grote bedrijven relevant, maar in hun kielzog nemen zij kleinere bedrijven mee. Als ik bij een bedrijf als ASML langs ga, vraag ik ook of ik de kleinere bedrijven mag spreken. Juist zij zijn als toeleverancier voor grotere bedrijven enorm belangrijk. Daarom moeten we ze ook allebei ondersteunen." Wörsdörfer onderstreept hierbij het pleidooi voor één ondernemersloket voor iedereen. "Een plek waar een ondernemer terecht kan met alle vragen en van daaruit doorverwezen wordt naar de juiste partijen die hem of haar kunnen helpen."

De gepresenteerde voorstellen vormen volgens de beide Kamerleden een mooie aanvulling op de eerdere plannen van minister Kaag. Niet onbelangrijk daarbij was de inbreng van FME. Martin Wörsdörfer daarover: "De position papers, zoals die van FME, zijn voor ons waardevol. Dat helpt om opnieuw over bepaalde onderwerpen na te denken over hoe het beter kan voor de ondernemers in ons land. Wij zijn er in dat opzicht ook voor om 'gebruikt' te worden." Wybren van Haga sluit zich daarbij aan: "Wij hebben voorbeelden uit de praktijk nodig om dingen voor elkaar te krijgen."

Lees ook