FME steunt de koers van het bedrijfslevenbeleid dat inzet op een excellent ondernemingsklimaat voor alle bedrijven met focus op een aantal topgebieden. Het is van groot belang continuïteit te bieden in beleid en door te gaan met deze moderne manier van innovatie en industriebeleid.

We moeten het huidige innovatiebeleid continueren, omdat het topsectorenbeleid de technologische industrie echt geholpen heeft. Bedrijven en kennisinstellingen werken meer samen en investeren gezamenlijk in fundamenteel onderzoek. De topsectorenaanpak is een unieke manier van werken om publiek private samenwerking in triple helix-verband vorm te geven[1]. De huidige regelingen zoals WBSO, TKI en MIT werken als goede smeerolie om tot samenwerking en innovaties te komen.

We moeten het huidige innovatiebeleid intensiveren. De ervaringen van de afgelopen jaren hebben uitgewezen dat het topsectorenbeleid van grote waarde kan zijn voor duurzame economische ontwikkeling. De topsectorenaanpak is de experimentele fase ontstegen. Intensivering is ook noodzaak omdat er op dit moment binnen de topsector hightech meer privaat commitment is dan we met publieke middelen kunnen matchen.

[1] Flexibiliseren, differentiëren, scherper kiezen - Balans van de topsectoren 2016, AWTi – september 2016

Wat willen we bereiken?

FME pleit voor continuering en intensivering van het huidige innovatiebeleid. Neem de samenwerkingsverbanden die de afgelopen jaren zijn opgebouwd daarbij als een logisch vertrekpunt. Continueer het topsectorenbeleid en versterk de essentie daarvan, namelijk de publiek private samenwerking.

Om de ambities waar te maken moeten we succesvolle instrumenten continueren en intensiveren, en dus moeten we:

  1. het budget van de WBSO minimaal op het huidige niveau vasthouden en de Innovatiebox zoveel als mogelijk handhaven.[2]
  2. het percentage van de TKI-toeslag verhogen naar 50% (zgn. PPS 50/50), waardoor de drempel voor bedrijven en met name het mkb wordt verlaagd waardoor er meer privaat in innovatie wordt geïnvesteerd.
  3. het budget voor het MIT-instrument voor het mkb verhogen van de huidige 50 miljoen euro naar 100.

Lees ook

[2] Het CPB geeft aan dat intensivering van het fiscale instrumentarium een beperkte meeropbrengst heeft vanuit welvaartsperspectief. Het IMF heeft daarentegen onlangs het belang van fiscale stimulering van R&D juist onderstreept en ziet ook voor Nederland potentie voor welvaartswinst door een hoger percentage van R&D-kosten te subsidiëren.

Downloads en publicaties
12.10.2016FME | Brief vaste commissie EZ - Bedrijfslevenbeleid en Innovatie | 12.10.2016Downloaden
20.04.2016Industrieagenda 2016-2018: Verdienkracht & VooruitgangDownloaden
Meer weten?
Geert HuizingaManager Industriebeleid