arrow btn arrow right arrow left chevron mouse pulser checkmark date calendar

Voorstellen FME meegenomen in blauwdruk volgend kabinet

29 april 2020

Vorige week publiceerde de overheid voorstellen met daarin opties voor bezuinigingen of juist extra uitgaven. Deze brede maatschappelijke heroverweging legt in grote mate de basis voor de Rijksbegrotingen 2021, eventuele toekomstige bezuinigingen in relatie tot een economische recessie na corona, de verkiezingsprogramma’s van de politieke partijen voor de verkiezingen in maart 2021, en een toekomstig coalitieakkoord.

FME is blij om een aantal van haar eigen voorstellen terug te zien in deze beleidsopties, maar we maken ons tegelijkertijd ook zorgen over enkele bezuinigingsopties.

We zetten de belangrijkste zaken voor de technologische industrie op een rij:

Onderwijs en arbeidsmarkt

Op het gebied van onderwijs en arbeidsmarkt zijn er diverse beleidsopties die volledig overeen komen met de input van FME en met de voorstellen in de FME onderwijs- of arbeidsmarktagenda. Naast de nodige aandacht voor een leven lang ontwikkelen, kunnen de volgende voorstellen kunnen in het bijzonder op onze steun rekenen:

  1. Een persoonlijk ontwikkelbudget voor iedereen, afhankelijk van het opleidingsniveau;
  2. Een subsidie voor de inzet van hybride docenten in het mbo en hbo voor de ‘extra’ kosten die hier gemoeid mee gaan, oplopend tot maximaal 50% van de gemaakte kosten;
  3. Betere aansluiting tussen het onderwijsaanbod en arbeidsmarktrelevantie, bijvoorbeeld via bekostigingsprikkels of via het instellen van een door het rijk bepaalde numeri fixi voor opleidingen met een laag arbeidsmarktperspectief;

FME waarschuwt tegelijkertijd voor de negatieve gevolgen van de besparingsoptie op de subsidie praktijkleren. Een forse bezuiniging op de bestaande subsidieregeling zou ertoe leiden dat het aantal BBL-plekken aanzienlijk zal dalen. En dat, terwijl er juist meer leerbanen nodig zijn om de tekorten in de techniek te bestrijden en vakmensen op te leiden. Zie ook onze position paper.

Innovatie

Over het algemeen is FME positief over veel van de concrete beleidsvoorstellen die worden genoemd in hat kader van innovatie. In het bijzonder zijn wij tevreden met voorstellen zoals :

  1. De verhoging van het kortingspercentage voor innovatieregeling WBSO heeft een positief effect op de R&D inspanning van bedrijven en op het Nederlandse vestigingsklimaat voor internationale innovators.
  2. Het innovatiegericht inkopen betekent dat de Nederlandse overheid als launching customer optreedt voor innovatie die bij het bedrijfsleven plaatsvindt.
  3. De inzet op publieke investeringen die private investeringen volgen, zoals ook beoogd in het Groeifonds, betekent dat we een tweesporenbeleid voeren; enerzijds versterken we bestaande posities (incrementele innovatie) en anderzijds vinden we oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken door nieuwe technologieën tot ontwikkeling te laten komen.

Wel is FME kritisch over mogelijke bezuinigingsopties die genoemd worden. De strengere criteria voor de WBSO zijn contraproductief en een verlaging van de departementale innovatiemiddelen, zou de Nederlandse concurrentiepositie danig schaden.

Internationaal Ondernemen

FME pleit al jaren voor een bilateraal innovatie- en handelsinstrument en ziet dat het voorstel terugkomt in de brede heroverwegingen en juicht dit toe. Nederland kent sinds 2011 geen specifiek instrument meer ter bevordering van bilaterale innovatiesamenwerking, dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld Duitsland en het Verenigd Koninkrijk. Dat zet Nederland op achterstand omdat internationale partners bilateraal samenwerkingen aangaan rondom bepaalde thema’s, zonder Nederland. Diverse landen, zoals Duitsland, dringen bij Nederland aan op het samen opzetten van innovatieprojecten en -programma’s. Om hieraan tegemoet te komen is het voorstel om voor bilaterale samenwerking een instrument te (her)introduceren. Hiervoor wordt in deze beleidsoptie € 20 mln. additioneel ingezet.  Het is voor FME wel belangrijk dat de koppeling tussen handel en innovatie gewaarborgd blijft.

FME mist echter aandacht voor de versterking van onze handelspositie. Juist voor Nederland is handel cruciaal om onze concurrentiekracht te versterken.

Sluiten